Hoe gaat het

Hoe gaat het?

De algemene vraag die je meestal stelt als je een goede vriend, kennis tegen komt. En hoe vaak hoor je dan terug, ‘ja goed!’.
Negentig procent van de gevallen hoor je dit. Maar de andere tien procent is meestal gaat wel. Beetje ziek, verkouden, last van m’n spieren. Maar vandaag hoor je dan iemand tegen je zeggen: ‘eigenlijk niet goed.’ Je probeer dan te denken aan een akelige operatie of zo. Even doorbijten, en dan gaat hij weer. Maar je verwacht niet, ‘het gaat helemaal niet goed. Met veel bestralingen heb ik nog tien à vijftien procent kans om te overleven. Ik doe er alles aan om gezond te leven. Nooit iemand kwaad gedaan. Maar blijkbaar moeten ze mij hebben.’
Natuurlijk heb ik alle positieve uitlatingen gedaan. En zeker niet snel weggelopen. Hier ben je niet op voorbereid. Daar denk je niet aan als je s’morgens vertrekt met een stralend zonnetje. Wetend dat je s’middags je kleinzoon van school gaat halen. Om de middag, en de volgende ochtend mee door te brengen. Leuke dingen doen en kijken. Hoe hij groter groeit. Stel dat dit mijn wordt verteld. Hoe ga je hiermee om? Is er wel een manier voor? Je hebt geen keus hoor ik u zeggen. Nee, natuurlijk. Die heb je niet. Oneerlijk, waarom, veel te vroeg, hartverscheurend. Een eindje verder in de winkel laat je het echt tot je doordringen. Hopelijk heeft hij niet mij waterige ogen gezien. Of ja, waarom eigenlijk niet? Ik ben niet van steen, en wil dit nooit worden ook.

Maar soms, soms zou je dit wel willen zijn. De huid van een olifant. Maar dat zul je ook die leuke prikkels niet meemaken. Die mooie tijd met je kleinkinderen. Trots zijn op je kinderen. Dat had hij ook graag gedaan. Maar wat heb je aan tien procent. Tien van de honderd personen overleven het dus. Doe je wel eens met de loterij mee? Ik heb nooit wat. Maar ik zou er toch voor gaan. Want al zou het één procent zijn. Ik ben nog lang niet klaar op deze wereld. Er is nog zoveel te doen. Maar hoe zou ik het nu doen als je voor die paar procenten gaat? Veel op vakantie? Nee waarom? Veel bij m’n kinderen. Nee, dat kan toch ook niet. Ze zien me aankomen. Dan maar gewoon doorleven, en genieten van alle momenten. En heel misschien lukt het toch. En mag je gewoon nog jaren doorgaan. En wat als je het toch niet red. Zeg dan maar dat opa nog aan het werk is. En voorlopig nog niet terug komt. Maar dat hij altijd aan jullie denkt.

[wp_ad_camp_1]

About The Author

Martin van Gijn

Other posts by

Author his web sitehttp://martinvangijn.nl

12

11 2011

Your Comment